Kerstkrans haken: gratis patroon voor beginners

Voltooide gehaakte kerstkrans in dennengroen met bordeauxrode strik, saliegroene blaadjes en besjes
Gratis patroon Voor beginners Kerstdecoratie

Kerstkrans haken met blaadjes, besjes en strik

Met een eenvoudige gehaakte hoes, een lichte basisring en een paar kleine versieringen maak je een warme kerstkrans die jarenlang mooi blijft.

3–4 uurwerktijd
20–22 cmformaat
80–100 ggaren
Makkelijkniveau
Hoe haak je eenvoudig een kerstkrans? Haak een lange rechthoek in een elastisch ribbelpatroon, pas hem rond een lichte kransring en sluit de korte kanten. Naai vervolgens de lange randen aan de achterkant om de ring. Haak kleine blaadjes, besjes en een strik en bevestig deze stevig aan de voorkant.

Een gehaakte kerstkrans die ook beginners lukt

Een kerstkrans haken hoeft geen ingewikkeld project te zijn. De basis van dit patroon is een rechte lap met vasten die alleen in de achterste lus worden gehaakt. Daardoor ontstaat een zachte ribbel die gemakkelijk om een ronde vorm buigt. Je hoeft niet in een grote cirkel te meerderen en je hoeft tijdens de basis geen lastig telschema te volgen.

De hoes wordt pas rond de kransbasis gesloten wanneer hij lang genoeg is. Zo kun je tijdens het haken regelmatig passen en eenvoudig een paar rijen toevoegen of uithalen. De decoraties worden afzonderlijk gemaakt, waardoor je de verdeling eerst rustig kunt uitproberen voordat je alles vastnaait.

  • Eenvoudige basis: je herhaalt steeds dezelfde rij vasten.
  • Makkelijk op maat: pas de strook direct rond jouw kransring.
  • Eigen stijl: kies zelf de kleuren en hoeveelheid decoraties.
  • Herbruikbaar: een zachte krans die ieder jaar opnieuw kan hangen.

Belangrijk voor een nette vorm: maak de gehaakte strook niet te los. Hij mag licht rekken wanneer je hem om de basisring legt. Een te ruime hoes gaat aan de voorkant plooien.

Benodigdheden voor de kerstkrans

Dennengroen, bordeauxrood en saliegroen garen met kransring en haakgereedschap
Leg het garen, de lichte kransring en het haakgereedschap klaar voordat je met de basisstrook begint.

Dit heb je nodig

  • 60–75 g dennengroen katoengaren of katoenmenggaren
  • Restjes crème, bordeauxrood en eventueel goud
  • Een lichte kransring van ongeveer 20 cm
  • Haaknaald 3,5–4 mm
  • Wolnaald en schaar
  • Steekmarkeerder, optioneel
  • Ongeveer 40 cm stevig koord voor de ophanglus

Welke basisring gebruik je?

Een lichte schuimring geeft de strakste ronde vorm. Een strokrans kan ook, maar bedek hem eerst met een smalle strook katoen zodat uitstekende vezels niet door het haakwerk komen. Gebruik geen zware metalen ring als de krans aan een kleine haak komt te hangen.

Het patroon is berekend voor een ring van ongeveer 20 cm doorsnee en een buisdikte van 3 tot 4 cm. Omdat iedere ring en iedere hand van haken iets anders is, meet je de strook tijdens het werk. De centimeters zijn belangrijker dan een vast aantal rijen.

Kleine krans

Gebruik een ring van 15 cm, een strook van ongeveer 6 cm breed en minder decoraties. Mooi voor een kastdeur of kersttafel.

Standaard krans

Gebruik een ring van 20 cm en een strook van ongeveer 8 cm breed. Na decoratie wordt de krans ongeveer 20–22 cm.

Steken en afkortingen

De basis bestaat uit vasten in de achterste lus. Deze techniek maakt het haakwerk soepeler en geeft duidelijke verticale ribbels wanneer de strook rond de krans wordt gelegd. Haak de eerste losse van iedere rij alleen als keerlosse; deze telt niet als steek.

AfkortingSteekGebruik in dit patroon
llosseBegin van de strook, blaadjes en strik
hvhalve vasteSluiten en netjes afwerken
vvasteBasisstrook en besjes
hsthalf stokjeVormt de ronding van de blaadjes en strik
ststokjeGeeft het midden van een blaadje extra breedte
ALachterste lusMaakt het elastische ribbelpatroon
mind.minderingSluit de kleine besjes

Proeflapje: haak 18 vasten over een breedte van ongeveer 8 cm. Is jouw strook veel breder, gebruik dan een kleinere naald. Is hij smaller, voeg dan twee lossen toe of neem een halve maat grotere naald.

De basis van de kerstkrans haken

Gebruik dennengroen garen voor een klassieke krans of kies crème voor een rustige Scandinavische uitstraling. De strook wordt heen en weer gehaakt. Houd de zijkanten recht door aan het einde van iedere rij opnieuw achttien steken te tellen.

1

Haak de beginlosse

Haak 19 lossen. Begin in de tweede losse vanaf de haaknaald en haak 18 vasten. Haak 1 keerlosse en keer het werk. Trek de beginlossen niet te strak aan.

Rij 1: 18 v

2

Maak het ribbelpatroon

Haak 18 vasten, maar steek alleen door de achterste lus van iedere steek. Haak 1 keerlosse en keer. Herhaal deze rij totdat de strook zonder uitrekken bijna volledig rond de kransring past.

Rij 2 en verder: 18 v in AL

3

Controleer de lengte

Leg de strook rond de buitenzijde van de ring. De korte kanten mogen elkaar net raken wanneer je de stof licht uitrekt. Bij een ring van 20 cm is de strook meestal ongeveer 58–62 cm lang.

Pasvorm: licht aansluitend

4

Verbind de korte kanten

Leg de eerste en laatste rij met de goede kanten tegen elkaar. Verbind de korte kanten met halve vasten door beide lussen. Keer de ontstane band daarna zodat de naad aan de binnenkant ligt.

Basisstrook gesloten tot een ring

Kransring gedeeltelijk bedekt met een dennengroene gehaakte ribbelhoes
Pas de ribbelstrook regelmatig rond de ring en sluit de lange randen met kleine gelijkmatige steken.
5

Leg de hoes rond de basisring

Schuif of vouw de gehaakte band rond de kransring. Leg de twee lange randen aan de achterkant tegen elkaar. Verdeel de ribbels gelijkmatig over de volledige omtrek voordat je begint te naaien.

Ribbels gelijkmatig verdelen

6

Sluit de lange naad

Gebruik een lange draad in dezelfde kleur. Naai de lange randen met kleine overhandse steken aan elkaar. Trek na iedere vijf tot zes steken voorzichtig aan en controleer de voorkant op plooien.

Naad aan de achterkant

7

Vorm de krans

Masseer de gehaakte hoes rustig rond de ring totdat de ribbels recht lopen. Schuif de korte verbindingsnaad naar de plek waar later de strik of een groep blaadjes komt.

Gladde ronde basis klaar

Blaadjes, besjes en strik haken

Maak eerst alle losse decoraties en leg ze daarna op de krans. Zo kun je kleuren en vormen verdelen zonder al meteen iets vast te naaien. Voor een rustige krans zijn zeven blaadjes, vijf besjes en één strik voldoende.

Eenvoudig blaadje

8

Haak langs beide zijden van de lossenketting

Haak 9 lossen. Begin in de tweede losse en haak: 1 hv, 1 v, 1 hst, 2 st, 1 hst, 1 v en 1 hv. Haak 2 lossen aan de punt en ga langs de andere zijde terug met dezelfde steken in spiegelbeeld.

Maak 7–9 blaadjes

Klein besje

9

Haak een klein bolletje

Haak 6 vasten in een magische ring. Haak één toer van 6 vasten. Stop een klein plukje vulling in het besje en haak daarna 3 minderingen. Trek de opening dicht en laat een draad over om het besje vast te naaien.

Maak 5–7 besjes

Zachte strik

10

Haak de strikband

Haak 31 lossen. Begin in de tweede losse en haak 30 halve stokjes. Haak nog drie rijen van 30 halve stokjes. Verbind de korte kanten tot een lus, leg de naad in het midden aan de achterkant en knijp het midden samen.

Strikband: 4 rijen van 30 hst

11

Maak het midden en de linten

Wikkel een lange draad meerdere keren om het samengeknepen midden en zet hem aan de achterkant vast. Haak voor ieder lint 26 lossen en 25 halve stokjes. Naai beide linten achter het midden van de strik.

2 linten van 25 hst

Gehaakte saliegroene blaadjes, bordeauxrode besjes en strik voor de kerstkrans
Leg de gehaakte blaadjes, besjes en strik eerst los neer om een rustige verdeling te kiezen.

De kerstkrans versieren en afwerken

Leg de krans plat neer met de verbindingsnaad aan de achterkant. Plaats de strik onderaan of iets schuin aan de zijkant. Verdeel de blaadjes in kleine groepjes en leg de besjes tussen de blaadjes. Maak eerst een foto van de gekozen indeling; zo kun je tijdens het vastnaaien eenvoudig controleren waar ieder onderdeel hoort.

12

Naai de blaadjes vast

Begin met de onderste blaadjes. Naai door de middenlijn en zet de punt afzonderlijk vast wanneer het blaadje niet plat blijft liggen. Laat de buitenste rand op enkele plekken vrij voor een natuurlijker effect.

Werk van onder naar boven

13

Bevestig de besjes

Naai ieder besje met meerdere steken door de gesloten onderkant aan de krans. Plaats ze in groepjes van twee of drie. Trek de draad stevig aan zonder het bolletje plat te drukken.

Groepjes van 2–3 besjes

14

Zet de strik stevig vast

Naai eerst het midden van de strik aan de basis. Zet daarna iedere lus met één verborgen steek vast, zodat de strik niet draait wanneer de krans hangt. Laat de uiteinden van de linten los vallen.

Strik op drie punten bevestigd

15

Maak een ophanglus

Rijg het stevige koord door meerdere ribbels aan de bovenste achterkant. Knoop de uiteinden dubbel en controleer of de krans recht hangt. Verberg de knoop onder de gehaakte hoes.

Ophanglus: ongeveer 10–12 cm

Gehaakte kerstkrans afwerken met blaadjes, besjes, strik en ophanglus
Naai de decoraties stevig vast en bevestig bovenaan een ophanglus door meerdere ribbels.

Variaties voor jouw gehaakte kerstkrans

Scandinavisch crème

Haak de basis in gebroken wit en gebruik dennengroene blaadjes met enkele bordeauxrode besjes. Houd de versiering asymmetrisch en rustig.

Klassiek kerstgroen

Combineer een groene basis met een rode strik, rode besjes en een dun goudkleurig draadje langs een paar blaadjes.

Krans zonder strik

Vervang de strik door drie kleine gehaakte sterren of kerstballen. Verdeel ze dicht bij elkaar onderaan de krans.

Kleine tafeldecoratie

Gebruik een ring van 12–15 cm en leg de afgewerkte krans plat rond een LED-kaars. Houd garen altijd uit de buurt van een echte vlam.

Gebruik dezelfde kleuren voor een gehaakte kerstster, een zachte kerstbal en een klein kerstboompje. Zo vormt alles samen één rustige handgemaakte kerstcollectie.

Veelvoorkomende problemen oplossen

ProbleemWaarschijnlijke oorzaakOplossing
De hoes plooitDe strook is te lang of te losHaal enkele rijen uit en laat de strook licht rekken rond de basis
De ring blijft zichtbaarDe strook is niet breed genoegBegin opnieuw met twee of vier extra lossen of gebruik een dunnere basisring
De ribbels lopen scheefDe strook is ongelijk rond de ring verdeeldSchuif de hoes vóór het sluiten van de lange naad en verdeel de ribbels opnieuw
De blaadjes krullenDe lossenketting is te strakHaak de beginlossen losser of blok de blaadjes licht voor het vastnaaien
De krans hangt scheefDe decoratie is zwaar aan één zijdeVerplaats de ophanglus een paar ribbels totdat het gewicht in balans is

Bewaren en verzorgen

Bewaar de kerstkrans na de feestdagen liggend in een droge doos. Leg geen zware decoraties bovenop de blaadjes of strik. Een stuk zuurvrij papier tussen verschillende gehaakte decoraties voorkomt dat haakjes en lusjes in elkaar blijven hangen.

Verwijder stof met een zachte kledingborstel of de koude stand van een föhn op ruime afstand. Is een blaadje vervormd, maak het dan heel licht vochtig en leg het plat te drogen. Was de volledige krans niet zolang de basisring in de hoes zit.

Veelgestelde vragen over een kerstkrans haken

Kan een beginner deze kerstkrans haken?

Ja. De basis bestaat uit rechte rijen vasten in de achterste lus. De kleine decoraties gebruiken daarnaast halve stokjes, stokjes en eenvoudige minderingen.

Hoe groot wordt de gehaakte kerstkrans?

Met een basisring van 20 cm wordt de afgewerkte krans ongeveer 20 tot 22 cm. Blaadjes en strik kunnen iets buiten de ring uitsteken.

Hoe lang moet de gehaakte strook zijn?

Haak totdat de strook zonder uitrekken bijna rond de volledige ring past. Voor een ring van 20 cm is dit meestal ongeveer 58 tot 62 cm, maar passen blijft nauwkeuriger dan alleen meten.

Kan ik de krans zonder schuimring maken?

Ja. Een lichte strokrans of een ring van stevig opgerold karton kan ook. Bedek een ruwe basis eerst met katoen zodat er niets door het haakwerk prikt.

Welk garen is het beste voor een kerstkrans?

Glad katoen of katoenmenggaren geeft duidelijke ribbels en stevige decoraties. Een licht pluizig acrylgaren kan ook, maar maakt de kleine steken minder zichtbaar.

Kort patroon om te bewaren

  1. Haak 19 lossen en vanaf de tweede losse 18 vasten.
  2. Haak alle volgende rijen 18 vasten in de achterste lus.
  3. Ga door tot de strook licht aansluitend rond de kransring past.
  4. Verbind de korte kanten met halve vasten.
  5. Leg de hoes rond de basis en naai de lange randen aan de achterkant dicht.
  6. Haak zeven tot negen blaadjes en vijf tot zeven kleine besjes.
  7. Haak een strik met twee linten.
  8. Verdeel en bevestig alle decoraties.
  9. Maak bovenaan een stevige ophanglus.

Over dit patroon

Ik ben Katrin Baumann en ik maak rustige haakpatronen die ook zonder jaren ervaring lukken. Bij deze kerstkrans heb ik gekozen voor een eenvoudige ribbelbasis die je tijdens het haken kunt passen en voor losse decoraties die je helemaal naar eigen smaak kunt verdelen.

Maak een complete gehaakte kerstcollectie

Combineer jouw kerstkrans met zachte sterren, kerstballen en een kleine gehaakte kerstboom in dezelfde kleuren.

Bekijk ook het kerststerpatroon

Dit originele patroon en de tekst zijn bedoeld voor persoonlijk gebruik. Deel bij publicatie van jouw resultaat graag een verwijzing naar Ruzvo.

1 thought on “Kerstkrans haken: gratis patroon voor beginners”

Leave a Comment